Resumé

De historische ontwikkeling van de Biesenhof bestaat uit de volgende onderwerpen:

  • ca. 1259-1468 commanderij Kleine Biesen
  • ca. 1468-1795 pachthoeve Biesenhof
  • ca. 1624-1650 bouw woonhuis na grote brand, inclusief smalle aanbouw aan zuidzijde
  • ca. 1700 uitbreiding woonhuis ter plaatse van de smalle aanbouw
  • ca. 1772 bouw oogstschuur en stallen
  • ca. 1815 splitsing in eigenaarswoning en pachterswoning, rechthoekige openingen in voorgevel.
  • ca. 1860 komst Martin Joseph Schoenmakers met rentmeester, twee rondboogvensters in voorgevel.
  • ca. 1864 voetpad over binnenplaats omgevormd tot een verharde weg aan de noordzijde van de schuur
  • ca. 1880-1890 stucwerk ‘chique kamer’
  • ca. 1925 pachterswoning en eigenaarswoning geoptimaliseerd.

De cultuur- en bouwhistorische waarden van de hoeve Biesenhof in Geleen vallen in de volgende hoofdpunten samen te vatten:

  • de typische grootschaligheid en de geslotenheid van de pachthoeve.
  • de grandeur van de eigenaarswoning en de grote oogstschuur.
  • een van de laatste overgebleven bezittingen van de Duitse Orde in de streek met een rijke en lange geschiedenis.
  • de herkenbaarheid van de twee delen van het woonhuis: pachterswoning en eigenaarswoning.
  • de eenduidige vormgeving van de schuur en stallen uit één bouwcampagne.

Positionering

De Biesenhof is gelegen in een laagte direct aan de Geleenbeek, aan de voet van de Sweikhuizerberg. Het moerassige weidelandschap waarin de hoeve lag droeg bij aan de minder goede bereikbaarheid en daardoor een betere bescherming in de zeventiende en achttiende eeuw. De omgevingswaarde van de hoeve is vanuit cultuurhistorisch en landschappelijk oogpunt hoog.

Typologie

In het kader van de functionaliteit alsmede een betere verdediging had de grote hoeve een gesloten karakter dat typologisch gezien binnen het genre van de Zuid-Limburgse carréhoeve valt. De grootschaligheid en robuustheid van de hoeve is daarentegen typisch voor een pachthoeve in bezit van adellijke of geestelijke ordes. De gefortuneerde eigenaar was vaak genoodzaakt een grote hoeve te bouwen om het omliggende land te verbouwen en liet daarmee ook zijn rijkdom zien. De Biesenhof is typologisch gezien een toonbeeld van de Zuid-Limburgse traditie van grote en gesloten (pacht)hoeves en wordt vanuit dit oogpunt hoog gewaardeerd.

Eigendom

De Biesenhof is in de omgeving van Geleen een van de weinige bezittingen van de Duitse Orde die bewaard zijn gebleven. Hoewel geen relicten van de voormalige commanderij meer zichtbaar zijn, blijft de relatie met de hoofdcommanderij Alden Biesen door de aanwezigheid van de pachthoeve in stand. De zeldzaamheidswaarde van een hoeve met deze lange voorgeschiedenis is zeer hoog.

Statussymbool

Door de functionele behoefte van een omvangrijke schuur kreeg de hoeve meer aanzien. Vanwege het feit dat de eigenaar tot in het begin van de negentiende niet op de hoeve woonde, bestond er geen behoefte om status zichtbaar te maken door een bouwkundige opwaardering van het huis. Rond 1815 werd het zuidelijke deel van het woonhuis geschikt gemaakt voor verblijf van de eigenaar. Toentertijd kreeg de voorgevel van de woning meer allure door het toevoegen van grote ramen en een voordeur. Bovendien werd twee decennia later een chique kamer ingericht met decoratief stucwerk. Het duidelijk aanwezige verschil tussen het relatief ‘eenvoudige’ boerenbedrijfsleven en de status van de eigenaar wordt cultuurhistorisch hoog gewaardeerd.

Agrarische functie

De compositie en de samenstelling van het complex uit meerdere onderscheidbare en functiegerelateerde bouwvolumes en de heldere organisatie daarvan is vanaf de eerste oogopslag zichtbaar. De Biesenhof is een toonbeeldvan een achttiende-eeuwse agrarische (pachters)hof. Deze rationele overzichtelijkheid wordt vanuit cultuur- en bouwhistorisch perspectief als positief ervaren.

Bakhuis

De grootte van de ovens in het bakhuis naast de woning is uitzonderlijk. De aanwezigheid van een broodoven én een vlaaienoven is bijzonder. Overigens staat dit laat- negentiende-eeuwse bakhuis op de plek van de voormalige oostelijke poort. De zeldzaamheidswaarde hiervan is hoog.

Schuur

De schuur is bijzonder vanwege zijn omvang en de constructie die daaraan inherent is. De zware kolommen en muren zijn zeer vakkundig uitgevoerd met gebruikmaking van baksteen van een hoge kwaliteit. Bovendien is de afwerkingzeer fraai: de houten afdekplaten van de kolommen waarop de moerbalken rusten en de hardstenen raam- en deuromlijstingen.

Eenduidige vormgeving

De schuur en de stallen stammen uit de bouwcampagne op het einde van de achttiende eeuw en zijn zeer eenduidig vormgegeven. Deze homogene uitstraling is esthetisch zeer waardevol en geeft de grootschaligheid van het complex meer kracht.

Splitsing in woonhuis

Het woonhuis is in twee delen te splitsen: de pachterswoning als het oudste bestaande gedeelte en de eigenaarswoning. Deze twee delen zijn door het verschil in vormgeving en de aanwezigheid van bouwsporen duidelijk herkenbaar gebleven. Dit versteend archief toont de bouwgeschiedenis van de afgelopen eeuwen en geeft een duidelijke meerwaarde aan de uiterlijke identiteit van het pand.

Chique kamer

De chique kamer in het eigenaarsverblijf is uiterst fraai vormgegeven. De hardstenen rondboogvensters, de dubbele deuren, de stervormige parketvloer en het stucwerk zijn van uitzonderlijk hoge kwaliteit. Een dergelijk gedetailleerde en rijke vormgeving binnen een agrarisch bedrijf is buitengewoon. Deze kamer heeft esthetisch en bouwhistorisch een zeer hoge waarde.

 
 
Een historisch monument waar heden en verleden samenkomen.